| Wandelen |
[Saturday, April 03, 2004. Time: 18:31] |
"hee!" "verveel je je?" vragen ze. wie? mijn gedachten! "dan moet je wat gaan doen!". Wandelen. Kijk, ik ben al buiten! Kinderhoofdjes die onder mijn met langzaam slenterende tred voortstampende blote voeten voorbijsnellen staren mij aan, smekend om hun mee te nemen op mijn reis zonder doel, behalve dan lichte verstrooiing. Nu is het gecultiveerde natuur. een parkbos of bospark al naar gelang de moeite die erin is gestoken. "Hier is het cliche!" roep ik lachend in het wilde weg naar niemand in het bijzonder, eigenlijk zelfs niet bijzonder want er is geen mens en slechts vogels ,die de sporadisch in de middagzon verschijnende aardwormen door midden scheuren in een speels tafereel van dood en overleven, worden niet geraakt door mijn spreken. Want voor mij ligt een lang recht pad, aan weerskanten ingesloten door een peloton van bomen, keurig recht in het gareel; geef acht en breng mij een hitlergroet met jullie houten armen in de herfst! Werp mij feestelijke bloesembladeren toe in de lente en fluit en joel met de winterwind, want ik ga verder zodat iedereen onder jullie mij kan zien!
En als ik stop, mogen jullie me hebben als compost.
|
|
| vurige liefde |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:46] |
Ik. nacht. niet helemaal alleen. De weerspiegeling van een brandende kaars in een zilveren kandelaar, mijn gezelschap. De vlam uit de pit deint en wuift mij toe slechts het ik donker op de muur projecterend. Het licht lacht irriterend en in woede ontstoken, smijt ik het geheel door mijn gesloten raam;
"ik haat je!"
Een regen van vonken en was sputteren tegen en doen de vloer uit wraak oplaaien, niet langer vlam maar vrouw. Terwijl haar duizend tongen nu mijn lichaam strelen stampt zij met hete hakken over mij heen.
hartstocht
Peristaltisch pus en lichaamsvocht ejaculerende blaren, het verhit geurend vlees feest. Meesteres, godin, ik ben van jou en een; Ik wil roepen:
"ik hou van je!"
maar mijn laatste adem is reeds rook verworden.
Want jij neemt, en maakt mij tot dat wat ieder is. stof en as
|
|
| gnoegirl |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:41] |
Ik was te laat. Gelukkig werd het feit dat ik door tijdgebrek niet meer kon douchen meer dan genoeg gecompenseerd door de druilerige ochtendregen en de liters condens die op mij neersloegen in de bus. Verfrissing troef!
En daar zat ze dan. Tegenover mij, met een kop als een gnoe en een gelijksoortige vacht op haar bovenlip. Het geheel werd ook nog eens opgeluisterd door een vette puist bij haar mondhoek en een gezwel op haar voorhoofd. Om kort te gaan: een gelaat dat een wandelend reclamebord is ter promotie van de wederinvoer van de guillotine.
Het vervelende aan echt afgrijselijke dingen is dat je ogen er ongewild naar toe worden getrokken. Zo ook de mijne. Nog vervelender is dat ik zo gruwelijk mooi ben dat mensen ook wel gedwongen worden te kijken met als logisch gevolg dat op een gegeven moment de blik van Het Gedrocht de mijne kruiste; Ik voelde het aankomen, ze was van plan om niet onvriendelijk naar mij te lachen. En dat, dames en heren, mocht ze nou juist niet doen. Die lach zou haar vel samentrekken en ongetwijfeld tot gevolg hebben dat de puist bij haar mondhoek open zou barsten en als een dronken puber zijn inhoud over mijn nieuwe zwartsuede handschoenen (V&D; 12,99) heen zou kotsen en dat zou ze niet ten goede komen. Gelukkig kon ik nog net mijn hoofd, haar glimlach en dus het onheil afwenden maar de schrik zat er goed in.
Niet lang daarna drukte Het Monster gelukkig op het met-enig-geluk-de-bus-bij-de-volgende-halte-zal-doen-stoppen-knopje en maakte zij aanstalten om op te staan. En toen gebeurde het walgelijkste der walgelijkste dingen: onder haar nepleren jasje vandaan klonk een "pfroet" die haar overigens niet leek te deren en slechts luttele seconden later was de omgeving van het bankje gevuld met een lucht die wel uit de krochten van de hel leek te komen.
Deze mevrouw had overduidelijk geen darmflora, maar een composthoop. Met een in stukken gehakt drie maanden oud kinderlijkje eronder. "mevrouw, U vergeet uw darmgassen!" wilde ik nog roepen maar bedacht me dat het enige dat uit mijn mond zou komen als ik hem zou openen, een grote golf braaksel zou zijn door de ranzige lucht van rotte eieren om mij heen.
en daar kunnen mijn nieuwe zwartsuede handschoenen niet tegen.
|
|
| Ein schöner Tag! |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:34] |
Ja, het is een mooie dag voor Nederland!
Nog niet eens hun ogen open en de gerenommeerde zakenmannetjes van de randstad gaan al fris doch niet al te vrolijk soms zelfs met lichamelijk geweld de concurrentie aan voor een zitplaats in de tram. Ambtenaren die hun werkgezicht vast oefenen delven meestal het onderspit, ook al proberen ze het wel met een "pardon meneer, ik wilde hier gaan zitten!" wat helaas door de meer ervarenen in het OV wordt geretoucheerd met een duidelijk "nee hoor." zodat zij na een lange reis totaal uitgeput bij hun instellingen aankomen waar ze dan dus ook de rest van de dag vermoeid uit hun neus lopen vreten. Beter dat, dan dat ze hem in andermans zaken steken zul je misschien zeggen en zo lang je hen niet nodig hebt is dat ook helemaal waar. In de rest van de gevallen kun je beter wachten op een natuurlijke dood van ouderdom want het is sneller en je problemen worden in ieder geval in 1 keer écht opgelost.
Waar twee honden vechten om een bot, enzo, kon ik gelukkig vrij gemakkelijk een oud vrouwtje voor zijn en met wat elleboogwerk snel op een stoeltje gaan zitten voor zij het had ingepikt. Ik moet mijn lichaam nog veel langer gebruiken dan zij dus ik heb meer recht om het even uit te laten rusten, toch? Overheerlijkheid! het was een enkel stoeltje! Meestal is er alleen plek op het overschot aan bankjes-voor-twee-personen waar ik echt de grootst mogelijke hekel aan heb want je weet maar nooit wie er naast je komt zitten, toch? En steeds als je naar buiten kijkt, een bosmongool met instappers en hoog kraagje ziet en denkt "erger dan dat kan de mensheid toch niet worden?" gaat op zo'n bankje altijd een overtreffend exemplaar naast je zitten. Bij voorkeur met broodje salami en ongewassen incontinentie-leuter.
"KLOOTZAK!" hoorde ik een pak nog tegen een ander pak roepen terwijl ik uitstapte en "moet je zelf maar uitkijken waar je loopt!"
Maar toch. De arme kindertjes in Kenia zouden verschrikkelijk blij zijn met zo'n tram of een meneer in pak of een broodje salami, toch?
Dus wat dan ook, het is toch een mooie dag voor Nederland. kan niet beter.
|
|
| omelette de vengelv |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:23] |
Oh ramp! het pannenkoekenmeel was op! Na een half uur schreiend met mijn handen in het haar te hebben gezeten zag ik vanuit een eierdoos 6 stuks ovale vriendjes naar mij knipogen, en mochten zij handen hebben gehad, "omelet!" gebarend. Dit werd het dus. Met paprika, ui, prei, ham, 3 soorten kaas, champignons en tomaat natuurlijk. Wat een feest was het! Rood en groen en geel gemengd met geuren van roze en blauw vormden uiteindelijk een super-omelet, die uit deed dijen tot er geen ruimte in de keuken meer was en met een knal tot de wolken rees, met mij er bovenop.
"sjaak! sjaak! ben jij dat?" "nee, ik ben vengelv en zijn omelet!" "oh. heb je ergens een bonenstaak gezien?" "ik hou niet van bonen. is een super-omelet ook goed?" "ha! ja! beter zelfs. kopje thee?"
En een feest was het inderdaad.
|
|
| Tranendal. |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:22] |
Mijn vinger nadert langzaam de gietmetalen deurbel aan de zijkant van de poort. Is dit wel de goede beslissing geweest? Had het ook anders gekund? Geluidloos is mijn komst ergens verweg blijkbaar te kennen gegeven want na enkele minuten van een eeuwigheid te hebben gewacht hoor ik hoe eenvoudige schoenen over het grintpad naderen; de tred klinkt alsof de eigenaar ze goed gepoetst heeft en dat graag zo wil houden waardoor het iets langer duurde dan nodig zou zijn voor een gladgekamd hoofd en net pak zich bij het plaatje voegden. "Zo, meneer. kom binnen." "Ja, bedankt. Weertje, niet?" Zonder verdere specificatie nodig te hebben knikte de man bevestigend en veegde een pluk haar die motregen en een straffe wind uit model hadden gerukt weer terug op zijn plaats. "Kom maar mee, ik begeleid je wel naar je werkplek." Gedwee deed ik tussen hoge prefab-barakken door over het uitgestrekte terrein volgen tot het pak halt hield en naar een glazen schuifdeur gebaarde. "Hier moet je zijn. Welkom in Tranendal." "Het is... anders dan ik gedacht had." en dat klopte. De advertentie had zich in mijn hoofd geprent als ware het gebrandmerkt. 'Begin een nieuw leven, pak het anders aan! Geen zorgen meer.' Het zag er grauw en troosteloos uit. "Dat horen we vaker; Maar, maak je geen zorgen. Over een tijdje wil je hier nooit meer weg. Kom, we gaan naar binnen. Koffie?" Schoenpoetser wist dan wel geruststellende woorden te spreken maar de stoicijnse klank verried dat het hem niets kon schelen. "Nee, bedankt, ik wil graag beginnen." "Goed, kom maar mee dan." ging hij voor door een lange gang. Ik moest in nummer 507 zijn. Met "kijk eens!" werd uiteindelijk een ijzeren deur geopend en "hier zul je werken. je hebt tevens een bed, voor 22:00 tot 6:30. Die stoel, dat is je werkplek." Ze waren inderdaad niet te missen, wat waarschijnlijk kwam doordat het, afgezien van een klein raam waarachter een traliewerk was bevestigd de enige objecten in het kleine houtvloeren kamertje waren. De onzekerheid besprong me. Dit was niet wat ik wilde, zo had ik het me niet voorgesteld. "mag ik me nog bedenken?" Alsof hij die vraag vaker mee maakte bitste de man iets feller dan fatsoenlijk geergerd "nee, natuurlijk niet. Je hebt een contract getekend met onze bureaucraten. Ik stel voor dat je begint." en werd ik zacht doch stevig de kamer ingeduwd waarna de deur werd dichtgesmeten met de woorden "begin maar rustig aan!" "maar wat moet ik dan doen?" "ga in de stoel zitten. dat is het." klonk het zich verwijderende stemgeluid nog vanachter de deur. "alleen in die stoel zitten?" vroeg ik nog maar antwoord bleef uit. Het moest maar. ik had getekend. De stoel kon trouwens erger: zacht leren bekleding en ergonomisch verantwoord. De stilte. Opvallend. Anders dan eerst; het geroezemoes van duizenden stemmen van de schimmen in de samenleving bleef uit. Was ik zelf al onderdeel ervan geworden? Hoorde ik het gewoon niet meer? Condens op het raam trekt de aandacht: Mijn reflectie in de duizenden druppels is vaag maar ironisch treffend. Hij toont mij, een waas van diegene die ik ooit had kunnen worden. Achter het raam de tralies waarachter zich ogenschijnlijke vrijheid bevindt: daar achter bevinden zich nog meer tralies en hekken en leven we uiteindelijk niet met zijn allen gevangen op een bol, geisoleerd van wat er ook mag zijn door dodelijk koud vacuum?
Terwijl ik in mijn nieuw verworven vrijheid zit wordt het duidelijk. De enige vrijheid zit in je hoofd.
Waanzin, alstublieft?
|
|
| homo. |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:21] |
'Hij zoekt zeker ruzie' dacht ik al schichtig toen hij voor me stond met een fietsketting in zijn ene hand en een fles met een brandende lap olie in de andere. Het bedeesde "hoi!" in mijn richting deed dan ook mijn verbazing schertsen. "heej. sta je lekker?" leek me wel een redelijk neutraal antwoord en het werd schijnbaar goedgekeurd want de opeens slungelig over komende jongeman knikte schuchter. "Lekker vuurtje heb je daar op die fles zitten, zeg!". Hij haalde zijn magere schouders op met bijgevoegd "van mijn zus gehad. Ze zei dat ik zo wel een vriendin zou krijgen." Zijn ogen spraken boekdelen van een redelijk artistiek bevonden literair werk. En er is maar 1 ding waar die tegenwoordig over gaan. "Ik denk niet dat je een vriendin nodig hebt." legde ik dus maar uit. Een lichte flonkering in zijn ogen deed me afvragen of hij het snapte. "wat doe jij vanavond?" Ja dus. Maar nee, alsjeblieft zeg. "Al iets". Ranzig puistenjong. Het is vanwege die fietsketting dat hij geen schop in zijn kruis kreeg. Als knappe homo's nu een kansje proberen te wagen, allah akbar; maar een of andere wanhopige zowel anale als frontale maagd wiens acne meer prut ejaculeert dan hijzelf tijdens een orgasme is gewoon te ranzig voor woorden. Klassenverschil, heet zo iets.
"Homo." spuugde ik nog in zijn beteuterde gezicht. En "je zoekt zeker ruzie!" alvorens weg te lopen, terwijl het lichtje van de brandbom achter mij langzaam een werd met de schemering.
Lelijke mensen zijn een gevaar voor de nationale veiligheid.
|
|
| kunstacademie |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:19] |
Frisgroene planten, toonbeeld van leven afgewisseld met grijze oppervlakkigheid, lege mensen die lijdzaam hun tijd uitzitten, wachtend op hun pensioen of een vreselijke ziekte waar ze voortijdig aan kunnen overlijden. Mijn werk dus.
Een hel voor het schrijven in mij; na gemiddeld 3 uur slaap moet ik mijn bed uit komen om de godganse dag achter een computer te zitten typen. Op zich leuk, ware het niet dat de woorden, namen, gegevens, vooraf reeds vastgesteld zijn en slechts in bepaalde vakjes ingevuld mogen worden: aan het eind van de dag schreeuwt alles in mij om een uiting van literaire expressie, om eigen gekozen woorden als een dolle stier over het beeldscherm te laten razen. Op een dag.
Voordeel is wel dat mijn beleving nu goed wakker is geschud en dat ik nu weet wat ik moet doen en leeg werk is dat niet. Er zijn twee dingen in het leven waar ik echt van houd, het geschreven woord en fotografie welteverstaan. De keuze is makkelijk: Schrijven hoeft niemand mij meer te leren. Ik ga fotografie studeren aan de kunstacademie.
gefeliciteerd.
|
|
| wintertenen |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:19] |
|
Blote voeten in de sneeuw. het mag. Ik weet dat als ik zo weer binnen kom ze snel genoeg weer opgewarmd zullen zijn als ik naast je kom liggen en mijn handen op je blote huid leg, moet lachen om je verongelijkte blik als mijn wintertenen een siddering over je lichaam brengen en mijn lippen als een gretig dichtklappende val in je nek leg. Kijk naar me en neuk met me, zo hard en dicht bij als je kunt komen. want hoe harder mijn bloed stroomt, hoe meer ik leef. En dat het liefst met jou.
|
|
| zwerver |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:18] |
De avondkou was snijdend maar scheen hem niet te deren.
een bedorven mens.
Zelfs de vuilniszakken welke hij als een harnas om zijn lichaam gedrapeerd had waren vies vol gaten en leken erg passend bij de regendruppels in zijn vette baard, haar van jaren, dat als treurwilgtakken in de wind aan zijn pokdalig gezicht bungelde.
tijdens één moment van zien, hem, beide voeten in een vuilcontainer van een steegje achteraf op zoek naar weggegooide voedselresten, net zoals hij afvalproducten van een samen leving; niet meer nodig en uitgekotst tot niets dan nutteloosheid, was ik gelijk:
Geen mensen, geen wereld, geen werkelijkheid. Alleen leven als een platgespoten muis die de uitgang van een doolhof niet meer wil vinden.
Leven van een blik. Is iedereen nu blind?
|
|
| "hm?" |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:17] |
"hm?"
Ze keek me aan of ik van Mars kwam, wat natuurlijk helemaal niet zo is, want dan zou ik groen zijn. "mag ik er even langs?" vroeg ik weer. De klotetram was zoals altijd propvol en de weinige vrije ruimte was gevuld met de stank van zweterig gehaaste carrièrehufters en de fermentatiegassen van blijkbaar nog niet zindelijke schoolkinderen. Het wijf was blijkbaar doof of in shock want nog steeds gaf ze geen begripvolle reactie. Tot overmaat van ramp was ze ook nog eens niet alleen, maar zwanger en ik vroeg me af of ze een extra kaartje had gekocht voor de parasiet in haar lichaam aangezien deze, samen met haar overige vetrollen wel drie maal mijn eigen omvang in beslag nam.
Ik gaf het op. Met mijn neus tegen de stempelautomaat aangedrukt bleef ik dus maar in ongemak inwendig haar ongeboren kind vervloeken tot eindelijk de tot hoofdpijnstoe schreeuwende en gillende middelbare-schoolgangers als een zwerm dolle mieren met veel geweld uitstapten. Blijkbaar was de zeug toch niet invalide want bij het opmerken van een vrije zitplaats dragonderde ze als een gemuteerde olifantgazelle weg. Het was een omen. Nu zou alles beter worden.
Ruimte, en op de grond lag een verloren Albert-Heijn-bonuskaart die nu van mij was.
En alles was goed.
|
|
| kantoortuin |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:17] |
Het bordje was waarschijnlijk wel waar, maar zo onzichtbaar tegen de muur van de kant waarheen de deur zich openklapt gemonteerd dat het me nooit was opgevallen dus hoe moest ik dan weten dat het dat was? wat?
Een kantoortuin natuurlijk. In de ruimte achter de deur nog wel. En het bordje moest dus de mensen die er hun hele carrière al naar snakten hun werkomgeving in een gesprek te betrekken assisteren om deze van een gepaste naam te voorzien. ("Henk, heb je een momentje? Ik wil even met je praten over het arbeidsklimaat in de kantoortuin. En heeft iemand al een operator gebeld want de hele omgeving zit vol bugs." ha-ha)
Hoe iemand ooit op de term was gekomen is mij een raadsel want de paar verlepte plastieken onkruid die ongetwijfeld door een gerennomeerd interieurdesigner zonder smaak op hun juiste plek tussen de computers waren geplant maakten niet bepaald de indruk van een tuin. Maar toch, het zou om het gebaar kunnen gaan. Ongeacht welk.
Tot het me plotsklaps te binnen schoot: De tuin. het kantoor. Het waren de mensen.
Kasplanten.
|
|
| kutgothics |
[Thursday, April 01, 2004. Time: 00:13] |
"en god sprak: 'laat er licht zijn' en er was licht; de duisternis week en dageraad brak aan. hij had namelijk ook een hekel aan die kutgothics." begrijpelijk. "ja, ja. Doe mij maar een lekker psalmpje en een beetje wieroken. geen betere avond." De brilsmurf leek vervolgens in gedachten verzonken waardoor een pijnlijke stilte aanbrak want zo'n onderbreking in zijn onophoudelijke betweterige gewauwel was welhaast tegennatuurlijk.
Gelukkig waren er nog andere mensen in de ruimte, waarvan 1 stuks langharig tuig. Het type Nirvanashirt, wat hij dan ook aan had. Het type zeg maar, waar later niets goeds van terecht komt. "Ik rook óók wel eens wiet." kwam er dan ook tussen een bos neanderthalerhaar vandaan. "Maar het mag eigenlijk niet van mijn moeder. ze vond laatst een vette joint in de huiskamer en zei: dat mag niet. maar ik doe het toch. kutouders."
"woef" zei zijn hond die naast hem zat bevestigend terwijl hij wat vlooien uit zijn oor krabte. Althans, het leek zijn hond. Officieel was het een straathond maar de overeenkomsten qua haardracht en persoonlijke hygiëne waren wel zo opmerkelijk dat ze wel bij elkaar moesten horen.
"Ik mag die gothics echt niet" ging de eerste spreker onvermoeibaar verder zonder acht te slaan op de verkeerde interpretatie van zijn woorden "heb je ze wel eens gezien? Dat is toch niet gezond?"
Het bushokje bleef weer stil maar de vanachter dubbelfocusglas priemende ogen wachtten op een respons dus zei de hond maar weer "woef."
"Heb je de nieuwe clip van Within Temptation al gezien?" vroeg de haarbol, opgaand in zijn oordopjes waarvan de stekker overigens los naast zijn lichaam bungelde. "ja hij is goed he? wat een te gekke symphonische metal" antwoordde de godgast alvorens af te sluiten met "Zeg, ik ga naar huis. Eerst bidden en dan mijn nieuwe Evanescense-album aan zetten. tot morgen."
Het was een ideale wereld.
|
|
| navigation |
| [ |
viewing |
| |
most recent entries |
] |
|
|
|
|